Voorafgaande aan indiening van de klacht
In particuliere zaken wordt van de klager verwacht dat wordt getracht de klacht over de verleende veterinaire zorg eerst met de betrokken dierenarts c.q. behandelaar te bespreken, alvorens wordt overgegaan tot indiening van een klacht bij het VTC. De situatie kan zich uiteraard voordoen dat de onderlinge verstandhouding zodanig verstoord is geraakt, dat het met elkaar in gesprek treden geen reële optie meer is en niet tot een oplossing van het geschil en herstel van vertrouwen meer kan leiden.
Er zijn overigens dierenartsenpraktijken die een eigen, interne klachtenregeling kennen (vgl. artikel 3.4 van de Code voor de dierenarts, KNMvD uit maart 2010), die door ontevreden cliënten eerstens zou kunnen worden doorlopen. Het kan echter voorkomen dat hiermee geen oplossing wordt bereikt en dat een diereigenaar zich niet kan neerleggen bij de uitkomst van een interne of andere klachtenprocedure en ervan overtuigd blijft dat er door een dierenarts in veterinair opzicht verwijtbare fouten zijn gemaakt, hetgeen ter toetsing aan het VTC kan worden voorgelegd.
Lees hier verder over het indienen van een klacht
U dient uw klacht schriftelijk, ondertekend, in de Nederlandse taal in te dienen. U wordt verzocht om met het klaagschrift tevens een ingevuld en ondertekend KLACHTFORMULIER aan de griffie van het college toe te sturen.
Dit formulier is voor intern gebruik bedoeld en wordt met name aangewend voor statistische gegevensverzameling. Indien de klacht zich richt tegen meerdere dierenartsen of behandelaars, dan dient u per behandelaar een afzonderlijk klachtformulier in te sturen.
Uw klaagschrift (en alle bijlagen) stuurt u per reguliere post en in tweevoud naar de griffie van het Veterinair Tuchtcollege.
Het klaagschrift is vormvrij en mag bijv. ook handgeschreven zijn, mits de inhoud duidelijk leesbaar is. Indien u zich in de procedure door een gemachtigde wenst te laten vertegenwoordigen, dient u een daartoe strekkende schriftelijke machtiging tezamen met uw klacht aan het college toe te zenden.
In uw klaagschrift dient u aan te geven wat u degene over wie u klaagt in diergeneeskundig opzicht verwijt. Indien uw klacht op meerdere personen betrekking heeft, dient u de verwijten c.q. klachten per persoon te beschrijven.
U kunt geen klacht indienen tegen een dierenartspraktijk als zodanig. De klacht dient te zijn gericht tegen een individuele dierenarts c.q. behandelaar (of tegen meerdere individuele behandelaars). De beoordeling door het college zal zich verder sec richten op de veterinaire aspecten van de klacht.
Vermeld bij het indienen van uw klaagschrift in ieder geval altijd:
- uw naam, adres en telefoonnummer
- de naam en het (praktijk- of woon)adres van degene over wie u klaagt
- de diersoort, de leeftijd en het geslacht van uw dier
- een overzicht van wat er precies is gebeurd
- een omschrijving van de klacht (waarover klaagt u en wat verwijt u de beklaagde?)
Patiëntenkaart
U dient tevens een kopie van het patiëntenverslag dat op de behandeling van uw dier(en) betrekking heeft bij de betrokken dierenarts c.q. behandelaar op te vragen en bij het klaagschrift te voegen. Mocht het ondanks uw inspanningen niet mogelijk zijn dit patiëntenverslag te verkrijgen, kunt u dit aan de griffie van het college doorgeven. Voor zover van toepassing en in uw bezit, ligt het voor de hand alle op de zaak betrekking hebbende uitslagen van onderzoeken en/of röntgenfoto's (op een USB-stick) eveneens bij het klaagschrift te voegen.
Indien na de behandeling door degene over wie een klacht wordt ingediend nog een andere dierenarts of specialist is geconsulteerd of geraadpleegd (second opinion), dan ontvangt het college ook graag een kopie van het patiëntenverslag met de bevindingen van deze opvolgend dierenarts.
Als het klaagschrift ter griffie is ontvangen, vindt een eerste onderzoek plaats. Daarbij wordt beoordeeld of de klacht veterinair van aard is, of deze voldoende duidelijk is en of er voldoende bijbehorende gegevens zijn aangeleverd. Het college houdt er bij de beoordeling van een klacht overigens rekening mee dat van indieners van een klacht niet altijd kan worden verlangd dat zij de juiste veterinaire terminologie kennen.
In sommige gevallen bevat het klaagschrift onvoldoende informatie. Zo kan niet duidelijk zijn omschreven tegen welke dierenarts / paraveterinair de klacht is gericht, of om welk diergeneeskundig handelen of nalaten het gaat. Er is dan meer informatie nodig. Als dit het geval is, kan de klager bij brief worden verzocht om de klacht binnen 30 dagen op de in de brief vernoemde punten aan te vullen en/of nadere schriftelijke informatie te verstrekken. Indien hier binnen de gestelde termijn geen gevolg aan wordt gegeven, wordt de klacht in beginsel buiten behandeling gesteld.
In de schriftelijke fase van de procedure wordt ook beoordeeld of het college bevoegd is om op de klacht te beslissen en of de klacht ontvankelijk is. Zo wordt nagegaan of wordt geklaagd over kwesties die binnen het bestek van het veterinair tuchtrecht vallen en of niet onredelijk lang is gewacht met indiening van de klacht. Een klacht dient binnen een ‘redelijke termijn’ te worden ingediend nadat het vermeende onjuist of nalatig handelen zich heeft voorgedaan. Indien de klager daarmee bijv. nog jaren wacht, bestaat de gerede kans dat de klacht niet meer in behandeling wordt genomen. Uitzondering zou kunnen zijn als een klager redelijkerwijs niet eerder bekend kon zijn met het (mogelijk) klachtwaardig handelen en de gevolgen ervan. Het college zal daarover per geval beslissen, waarbij wordt gekeken naar de reden van de verlate indiening en tevens een belangenafweging plaatsvindt.
Klager is niet-ontvankelijk
Bij screening van uw klacht kan ook blijken dat u geen direct belanghebbende bent (als u een klacht heeft ingediend over de behandeling van het huisdier van uw buurman). U zult dan niet-ontvankelijk worden verklaard. Ook kan het zijn dat uit de stukken niet blijkt dat u een klacht heeft over het diergeneeskundig handelen van uw wederpartij (bijvoorbeeld als u alleen klaagt over de kosten van een uitgevoerde behandeling).
Na beoordeling van de klacht zal het college uw klacht naar de beklaagde doorzenden.
Hiermee begint de schriftelijke fase in de procedure.
Intrekking van de klacht is in elke fase van de procedure mogelijk, zolang er nog geen uitspraak is gedaan. Bijvoorbeeld kan het zijn dat u als klager in de loop van de procedure contact met uw wederpartij heeft gekregen en tot een minnelijke regeling bent gekomen. Of dat u zich op basis van het verweer kunt verenigen met de daarin door uw wederpartij gegeven uitleg en dat u bij nader inzien de mening bent toegedaan dat de klacht wat u betreft niet meer hoeft te worden voortgezet. U dient de griffie van de intrekking schriftelijk in kennis te stellen. De klacht wordt dan als afgedaan beschouwd en het dossier zal worden gesloten. Uw wederpartij zal dienovereenkomstig worden bericht.
Het is wettelijk mogelijk –maar komt in de praktijk zelden voor- dat de behandeling van een klacht na intrekking toch wordt voortgezet. Dit is het geval als de beklaagde partij dit verlangt. Ook heeft de klachtambtenaar de bevoegdheid om een ingetrokken klacht over te nemen en voort te zetten, als het algemeen belang voorzetting van de klacht zou vorderen, ter beoordeling aan de klachtambtenaar. Ook dit laatste komt in de praktijk niet of zelden voor.
Partijen worden over iedere stap in de procedure schriftelijk geïnformeerd over het voorgang van de procedure. Mocht een procespartij in de loop van de procedure verhuizen, dan dient dit zo spoedig mogelijk aan de griffie van het college te worden gemeld. De klagende partij loopt het risico dat de procedure wordt stopgezet, als processtukken onbestelbaar blijken vanwege onbekendheid met in de loop van de procedure gewijzigde adresgegevens.